Een WTW-unit kiest u op drie punten: capaciteit, type en uitvoering. De capaciteit bepaalt of het systeem genoeg ventileert zonder lawaai, het type of het in uw woning past en de uitvoering (wisselaar, bypass, filters, sturing) of u er comfortabel mee woont. Wij lopen ze in die volgorde door. De merkvergelijking (Brink, Zehnder, Itho Daalderop) staat apart in WTW-units vergeleken; dit artikel gaat over de keuze die daaraan voorafgaat.
1. Capaciteit: hoeveel m³/h heeft uw woning nodig?
Het Bouwbesluit vraagt voor verblijfsruimtes minimaal 0,9 dm³/s per m² (3,24 m³/h per m²) met een minimum van 7 dm³/s per persoon, plus vaste afvoeren voor keuken (21 dm³/s), badkamer (14) en toilet (7). Omgerekend komt een woning uit op ongeveer 1,0 m³/h per m² gebruiksoppervlak als basisventilatie, en een unit moet dat op stand 2 (de dagelijkse stand) kunnen leveren, niet pas op stand 3.
| Woning | Gebruiksoppervlak | Basisventilatie (stand 2) | Geschikte unit (maximaal debiet) |
|---|---|---|---|
| Appartement, 2 personen | 70 m² | 70 tot 100 m³/h | 150 tot 200 m³/h |
| Rijtjeswoning, 3 slaapkamers | 110 tot 130 m² | 120 tot 160 m³/h | 300 tot 350 m³/h |
| Hoekwoning of 2-onder-1-kap | 140 tot 170 m² | 160 tot 220 m³/h | 350 tot 400 m³/h |
| Vrijstaand, 4 tot 5 slaapkamers | 180 tot 250 m² | 220 tot 320 m³/h | 400 tot 500 m³/h, of twee units |
De vuistregel "unit = 2 tot 2,5 keer de basisventilatie" zorgt dat de unit in de dagelijkse stand op 40 tot 50 procent van zijn maximum draait. Dat is stil, zuinig en laat ruimte voor stand 3 bij douchen, koken of visite. Een te krappe unit draait constant op vol vermogen: hoorbaar, hoger stroomverbruik en sneller vuile filters. Een veel te grote unit is duurder en kan op de laagste stand te veel lucht verplaatsen voor kleine kamers.
Controleer de opgegeven capaciteit altijd bij de tegendruk die uw kanalen geven, meestal 100 tot 150 Pa; fabrikanten noemen soms het debiet bij 0 Pa, en dat haalt geen enkele installatie. Wat u zelf kunt meten om te zien of de huidige ventilatie tekortschiet: CO2 meten in huis.
2. Type: centraal of decentraal
| Centrale WTW | Decentrale WTW | |
|---|---|---|
| Opbouw | Eén unit met kanalen naar alle ruimtes | Per kamer een unit in de buitengevel |
| Rendement warmteterugwinning | 85 tot 95 procent (tegenstroomwisselaar) | 70 tot 85 procent (keramische kern, wisselend) |
| Geschikt voor | Nieuwbouw, renovatie waar kanalen kunnen, woningen met systeem C-afvoer | Bestaande bouw zonder kanaalruimte, appartementen, afzonderlijke kamers |
| Geluid in de kamer | Zeer laag bij goede demping (20 tot 25 dB(A)) | 20 tot 30 dB(A), unit zit in de kamer |
| Onderhoud | Twee filters centraal, elk half jaar | Filter per unit, elk kwartaal tot half jaar |
| Kosten bestaande woning | €4.500 tot €9.500 | €600 tot €1.200 per unit |
| Bediening | Centrale schakelaar, CO2- of vochtsturing voor de hele woning | Per unit of gekoppeld via app |
Kunnen er kanalen komen, dan is centraal de betere keuze: hoger rendement, stiller in de kamers en één plek voor onderhoud. Wat de installatie in een bestaande woning vraagt leest u in WTW-unit installeren in een bestaande woning. Kunnen er geen kanalen komen, of wilt u alleen de slaapkamers aanpakken, dan is decentraal de praktische route; zie ook balansventilatie systeem D.
3. Uitvoering: wisselaar, bypass, filters, sturing
Standaard- of enthalpiewisselaar. Een standaard tegenstroomwisselaar wint alleen warmte terug; de afgevoerde vochtige lucht verlaat de woning. In de winter kan de lucht binnen daardoor droog worden (onder 30 procent RV). Een enthalpiewisselaar heeft een membraan dat ook een deel van het vocht terugwint en de binnenlucht rond 40 procent houdt; hij bevriest bovendien minder snel. Meerprijs €300 tot €600. Aan te raden in goed geïsoleerde woningen en bij klachten over droge lucht en statische ontlading; niet nodig bij vochtproblemen. De afweging voor de winter staat in WTW-rendement in de winter.
Zomerbypass. In de zomer wilt u 's nachts juist koele buitenlucht binnenhalen zonder die op te warmen aan de warme afvoerlucht. De bypass leidt de lucht dan om de wisselaar heen. Vrijwel elke moderne unit heeft een automatische bypass; controleer het bij oudere of budgetmodellen. Zonder bypass moet u in de zomer de unit uitzetten en ramen openzetten, wat het systeem zinloos maakt.
Filters. Standaard zit op de toevoer een G4- of ePM10-filter (grof stof, pollen) en op de afvoer een G4. Een fijner ePM1 (voorheen F7) filter op de toevoer houdt fijnstof en veel pollen tegen; aan te raden bij allergie of langs een drukke weg, tegen een iets hogere weerstand en filterprijs (€30 tot €60 per set per half jaar). Zie ventilatie en allergie en fijnstof binnenshuis.
Sturing. Een driestandenschakelaar in de keuken is het minimum. CO2-sensoren in woonkamer en hoofdslaapkamer en een vochtsensor in de badkamer laten de unit zelf schakelen: zuiniger en beter voor de luchtkwaliteit dan een vaste stand. Meerprijs €200 tot €500. De werking staat in vraaggestuurde ventilatie.
Voorverwarmer en vorstbeveiliging. Bij vorst kan condens in de wisselaar bevriezen. Units lossen dat op door de toevoer tijdelijk te verlagen (onbalans, tocht) of met een elektrische voorverwarmer (€150 tot €300 extra, wat stroom). In Nederland zijn strenge vorstperiodes kort; een voorverwarmer is prettig maar geen must, behalve bij een enthalpiewisselaar-loze unit in een zeer goed geïsoleerde woning.
Keuzetabel per situatie
| Situatie | Advies |
|---|---|
| Nieuwbouw of complete renovatie, 120 m² | Centraal, 300 tot 350 m³/h, enthalpiewisselaar, CO2-sturing |
| Bestaande rijtjeswoning met systeem C en zolder | Centraal, 300 tot 350 m³/h, hergebruik afvoerkanalen, toevoer via zolder en koof |
| Bestaande woning zonder kanaalruimte | Decentraal in woonkamer en slaapkamers, systeem C-box behouden voor natte ruimtes |
| Appartement met leidingschacht | Compacte centrale unit, 150 tot 200 m³/h, in de berging of technische kast |
| Allergie of drukke weg | Centraal met ePM1-toevoerfilter |
| Droge lucht in de winter, goed geïsoleerd | Enthalpiewisselaar |
| Vochtproblemen of schimmel | Standaardwisselaar, vochtsturing badkamer, eerst de oorzaak checken via vocht in huis |
Twijfelt u tussen vervangen en repareren van een bestaande unit, doe dan eerst de WTW-keuzehulp. Alle kosten, van unit tot installatie en onderhoud, staan op de WTW-hub en in ventilatie kosten 2026.
Veelgestelde vragen
Hoeveel m³/h moet een WTW-unit hebben?
Reken op circa 1,0 m³/h per m² gebruiksoppervlak als dagelijkse ventilatie en kies een unit die dat op 40 tot 50 procent van zijn maximum levert. Een woning van 120 m² komt zo op een unit van 300 tot 350 m³/h. Controleer de capaciteit bij 100 tot 150 Pa tegendruk, niet bij 0 Pa.
Wat is het verschil tussen een enthalpiewisselaar en een standaardwisselaar?
Een standaardwisselaar wint alleen warmte terug; een enthalpiewisselaar ook een deel van het vocht, waardoor de lucht in de winter minder droog wordt en de wisselaar minder snel bevriest. De meerprijs is €300 tot €600. Bij vochtproblemen kiest u juist de standaardwisselaar.
Heb ik een zomerbypass nodig?
Ja. Zonder bypass warmt de unit in zomernachten de koele buitenlucht op aan de warme afvoerlucht. Met bypass haalt u 's nachts gratis koeling binnen. Vrijwel alle moderne units hebben een automatische bypass; controleer het bij budgetmodellen.
Kan ik een te grote WTW-unit kiezen om zeker te zijn?
Een iets ruimere unit (25 procent boven de behoefte) is goed: stiller en zuiniger op de dagelijkse stand. Veel te groot is onnodig duur en kan op de laagste stand te veel lucht in kleine kamers blazen, wat tocht en geluid geeft.
Centraal of decentraal: wat is beter?
Centraal heeft een hoger rendement, is stiller in de kamers en eenvoudiger in onderhoud, maar vraagt kanalen. Decentraal past in elke woning zonder kanalen, per kamer uit te breiden, met iets meer geluid en onderhoud. Kunnen er kanalen komen, kies dan centraal.
Artikel gepubliceerd 21 september 2026. Prijzen en bedragen zijn indicaties op basis van de genoemde bronnen; controleer uw eigen situatie.