Vaillant warmtepomp storingscodes
Alle bekende storingscodes voor Vaillant warmtepomp met hun betekenis en waarschijnlijke oorzaak. Liever zelf zoeken? Gebruik de interactieve storingscode-zoeker.
227 storingscodes · bron: storingscode-database. Controleer altijd de handleiding van uw specifieke toestel.
Te weinig water in het CV-systeem
Drukverlies in het afgiftecircuit door lek of luchtkussen, Afgiftecircuitdruksensor defect
Waterdruksensor defect, Onderbreking in de kabelboom, Magneetklep van de automatische vulvoorziening defect, Intern expansievat defect
Hindernis in luchtgeleiding van het product, Ventilatormotor defect of niet aangesloten, Verbinding tussen de hoofdprintplaat en de printplaat van de ventilator is beschadigd of onderbroken
De codeerweerstand van het product is defect of ontbreekt, Ventilatormotor defect of niet aangesloten, Stekker X25 niet aangesloten of verkeerd aangesloten
Codeerweerstand beschadigd of niet geplaatst
Onderbreking in de kabelboom warmtewisselaar
Voeler niet aangesloten of voeleringang kortgesloten
Vervanging van de regelingsprintplaat en displayprintplaat
Vervanging van de regelingsprintplaat en displayprintplaat
Sensor niet aangesloten of sensoringang kortgesloten
Leiding naar de waterdruksensor is onderbroken of heeft een kortsluiting
Contact S20 aan warmtepomphoofdprintplaat (HMU) geopend, Verkeerde instelling van de maximaalthermostaat, Aanvoertemperatuurvoeler (warmtepomp, gasketel, systeemvoeler) meet naar onderen afwijkende waarden
Vloertemperatuur is te hoog, Doorstromingshoeveelheid CV-circuit te laag, Vloerverwarmingscircuit is gesloten
Volumestroomsensor niet aangesloten of sensoringang kortgesloten
Verkeerde printplaat thermostaat aan de buitenunit geïnstalleerd
Parameter ""Max. duur van de stroomonderbreker"" is slecht ingesteld (zie ""instelparameters van de warmtepomp"" in de bijlage), De als reserveonderdeel ingebouwde hoofdprintplaat of de omvormer past niet bij het product
De veiligheidstemperatuurbegrenzer van de elektrische hulpverwarming is geopend vanwege: een te geringe volumestroom of lucht in het afgiftecircuit, Verwarmingselement in bedrijf bij niet gevuld afgiftecircuit, Verwarmingselement in bedrijf bij aanvoertemperaturen boven 95°C doet de smeltzekering van de veiligheidstemperatuurbegrenzer uitvallen en vereist een vervanging, Voeding van externe warmte in het omgevingscircuit
De veiligheidstemperatuurbegrenzer van de elektrische hulpverwarming is geopend vanwege: een te geringe volumestroom of lucht in het afgiftecircuit, Verwarmingselement in bedrijf bij niet gevuld afgiftecircuit, Verwarmingselement in bedrijf bij aanvoertemperaturen boven 110°C doet de smeltzekering van de veiligheidstemperatuurbegrenzer uitvallen en vereist een vervanging, Voeding van externe warmte in het omgevingscircuit
De veiligheidstemperatuurbegrenzer van de elektrische hulpverwarming is geopend vanwege: een te geringe volumestroom of lucht in het afgiftecircuit en/of Verwarmingselement in bedrijf bij niet gevuld afgiftecircuit en/of smeltzekering van de veiligheidstemperatuurbegrenzer uitgevallen en vereist een vervanging en/of Voeding van externe warmte in het omgevingscircuit.
De veiligheidstemperatuurbegrenzer van de elektrische hulpverwarming is geopend vanwege: een te geringe volumestroom of lucht in het afgiftecircuit, Verwarmingselement in bedrijf bij niet gevuld afgiftecircuit, Verwarmingselement in bedrijf bij aanvoertemperaturen boven 98°C doet de smeltzekering van de veiligheidstemperatuurbegrenzer uitvallen en vereist een vervanging, Voeding van externe warmte in het omgevingscircuit
De veiligheidstemperatuurbegrenzer van de elektrische hulpverwarming is geopend vanwege: – te geringe volumestroom of lucht in het afgiftecircuit, – werking elektrisch verwarmingselement bij niet gevuld afgiftecircuit, – werking elektrisch verwarmingselement bij aanvoertemperaturen boven 95 °C activeert de smeltzekering van de veiligheidstemperatuurbegrenzer en vereist een vervanging, – toevoer van externe warmte in het afgiftecircuit.
Zekering defect, Foute elektrische aansluitingen, Te lage netspanning, Stroomvoorziening compressor/laag tarief niet aangesloten, Blokkeertijd energiebedrijf meer dan drie uur
Aanloopstroombegrenzer defect of verkeerd aangesloten
Aanloopstroombegrenzer defect of verkeerd aangesloten, Zekering defect, Slecht aangetrokken elektrische aansluitingen, Te lage netspanning, Stroomvoorziening compressor/laag tarief niet aangesloten, Blokkeertijd energiebedrijf meer dan drie uur
Verkeerde volgorde van de fase-aansluiting op de netvoeding, aanloopstroombegrenzer defect of verkeerd aangesloten
Verkeerde volgorde van de faseaansluiting op de netvoeding, Aanloopstroombegrenzer defect of verkeerd aangesloten
Aanloopstroombegrenzer defect of verkeerd aangesloten, Netspanning te laag
Aanloopstroombegrenzer defect of verkeerd aangesloten, Te lage netspanning
Leidingveiligheidsschakelaar in de schakelkast is geactiveerd, Defect van de elektrische hulpverwarming, Slecht aangetrokken elektrische aansluitingen, Te lage netspanning, Blokkeertijd energiebedrijf meer dan drie uur
Defect van de elektrische hulpverwarming, Slecht aangetrokken elektrische aansluitingen, Te lage netspanning, Blokkeertijd energiebedrijf meer dan drie uur
Defect van de elektrische hulpverwarming, Slecht aangetrokken elektrische aansluitingen, Te lage netspanning
Defect van de elektrische hulpverwarming. Slecht aangetrokken elektrische aansluitingen. Te lage netspanning.
Sensor defect of niet juist op de warmtepompbesturingsmodule VWZ AI aangesloten.
De heetgasthermostaat schakelt de warmtepomp uit als de druk in het koudemiddelcircuit te hoog is. Na een wachttijd volgt een bijkomende startpoging van de warmtepomp. Na drie mislukte startpogingen na elkaar wordt een foutmelding weergegeven. Koudemiddelcircuittemperatuur max.: 130 °C. Wachttijd: 5 min (na het eerste optreden). Wachttijd: 30 min. (na het tweede en elk daarop volgend optreden). Terugzetten van de foutenteller bij intreden van beide voorwaarden: warm- tevraag zonder voortijdig uit- schakelen. 60 min ongestoord bedrijf.
Elektrische hulpverwarming niet voldoende of niet beschikbaar. Niet voldoende warmte-energie in de huisinstallatie. IJsvorming op verdamper.
Kabelboom is niet correct op de printplaat aangesloten, Onderbreking in de kabelboom, Kortsluiting in de kabelboom, Ventilator geblokkeerd, Ventilator defect
Temperatuursensor op compressorinlaat defect of niet aangesloten
Sensor niet aangesloten of sensoringang kortgesloten
Voeler niet aangesloten of voeleringang kortgesloten
Voeler niet aangesloten of voeleringang kortgesloten
Sensor defect of niet correct op de hoofdprintplaat aangesloten
Voeler niet aangesloten of voeleringang kortgesloten
Voeler niet aangesloten of voeleringang kortgesloten
Sensor niet aangesloten of sensoringang kortgesloten
Sensor defect of niet correct op de hoofdprintplaat aangesloten
Temperatuursensor op compressoruitlaat defect of niet aangesloten
Retourtemperatuursensor aan de warmtepomp defect of niet aangesloten
Sensor niet aangesloten of sensoringang kortgesloten
Voeler niet aangesloten of voeleringang kortgesloten
Voeler niet aangesloten of voeleringang kortgesloten
Sensor defect of niet correct op de hoofdprintplaat aangesloten
Voeler niet aangesloten of voeleringang kortgesloten
Voeler niet aangesloten of voeleringang kortgesloten
Sensor niet aangesloten of sensoringang kortgesloten
Sensor defect of niet correct op de hoofdprintplaat aangesloten
Aanvoertemperatuursensor aan de warmtepomp defect of niet aangesloten
Leiding naar de temperatuursensor VF1 is onderbroken of heeft een kortsluiting
Sensor defect of niet correct op de hoofdprintplaat aangesloten
Sensor niet aangesloten of sensoringang kortgesloten
Temperatuursensor niet aangesloten of sensoringang kortgesloten.
Afsluitkraan werd niet geopend, Afgiftecircuitpomp defect, Alle afnemers in het CV-systeem zijn gesloten, Doorstroming te gering voor de registratie met de volumestroomsensor (< 120 l/h)"
Afsluitkraan werd niet geopend. Afgiftecircuitpomp defect. Alle afnemers in het CV-systeem zijn gesloten. Debiet te gering voor de registratie met de volumestroomsensor(< 120 l/h)"
Afsluitkraan werd niet geopend, Afgiftecircuitpomp defect, Alle afnemers in het CV-systeem zijn gesloten, Debiet te gering voor de registratie met de volumestroomsensor (< 120 l/h), Thermostaatkraan(-kranen) defect, Geen bypass bij systemen zonder buffer aanwezig, Bypass verkeerd ingesteld of defect, Lucht in de warmtepomp, Minimale capaciteit van de pomp of pomp defect, Condensor vervuild, Aanwezige vuilfilter verstopt
CV-circuit niet volledig ontlucht, Vuilfilter in retour ontbreekt of is verstopt, Watergebrek - Drukverlies in het CV-circuit, Pomp defect: Controleer de specifieke doorstromingshoeveelheid in het CVcircuit in de sensor/actortest
Hoeveelheid koudemiddel te gering, Sensor defect of niet correct op de hoofdprintplaat aangesloten, Vroegtijdige expansie in het vloeibare bereik van het koudemiddelcircuit (laadverlies), Elektronische expansieklep defect, Warmtewisselaar verstopt
Hoeveelheid koudemiddel te groot of te gering, Vacuüm niet voldoende (10 mbar), Vervuiling koudemiddel, Drukschakelaar of de elektrische verbinding defect, Vroegtijdige expansie in het vloeibare bereik van het koudemiddelcircuit (laadverlies), Debiet te hoog (zie vastgelegd maximaal debiet), Doorstromingsbewaker defect, Warmteoverdracht in de warmtewisselaar niet voldoende
Hoeveelheid koudemiddel te gering, Luchtstroom te gering, Geen ontdooiing, De weerstandsverwarming in de condensopvang is defect, Vierwegklep defect, Motor van de elektronische expansieklep defect of verbinding defect
Bekabeling defect
Sensor niet aangesloten of sensoringang kortgesloten
Voeler niet aangesloten of voeleringang kortgesloten
Voeler niet aangesloten of voeleringang kortgesloten
Koudecircuitdruksensor defect of niet aangesloten
Hoeveelheid koudemiddel te groot of te gering, Vervuiling Koelmiddel (f-Gas), Elektronische expansieklep defect, Vroegtijdige expansie in het vloeibare bereik van het koudemiddelcircuit (laadverlies), Debiet te hoog (zie vastgelegd maximaal debiet), Onvoldoende warmte-uitwisseling aan de plaatwarmtewisselaar of aan de Lamellenbuiswarmtewisselaar, Vierwegklep defect, Temperatuursensor defect
Kabelisolatie defect, Verbinding onderbroken
EEV niet correct aangesloten of kabelbreuk naar de spoel
Vierwegklep is mechanisch geblokkeerd, Temperatuurvoeler in de aanvoer is defect, Lucht in het afgiftecircuit
Vierwegklep is mechanisch geblokkeerd. Temperatuurvoeler in de aanvoer is defect. Lucht in het afgiftecircuit
Vierwegklep is mechanisch geblokkeerd, Temperatuursensor in de aanvoer is defect, Lucht in het afgiftecircuit
Sensor niet aangesloten of sensoringang kortgesloten
Sensor defect of niet correct op de hoofdprintplaat aangesloten
Voeler niet aangesloten of voeleringang kortgesloten
Thermostaat VRC 470 werd al herkend, maar de verbinding is afgebroken
Systeemthermostaat werd al herkend, maar de verbinding is afgebroken
Het product is niet aan de thermostaat aangesloten, Polariteit verwisseld
Systeemthermostaat werd al herkend, maar de verbinding is afgebroken
Voeler niet aangesloten of voeleringang kortgesloten
Voeler niet aangesloten of voeleringang kortgesloten
Voeler niet aangesloten of voeleringang kortgesloten
Voeler niet aangesloten of voeleringang kortgesloten
Voeler niet aangesloten of voeleringang kortgesloten
Voeler niet aangesloten of voeleringang kortgesloten
Voeler niet aangesloten of voeleringang kortgesloten
Sensor niet aangesloten of sensoringang kortgesloten
Voeler niet aangesloten of voeleringang kortgesloten
Voeler niet aangesloten of voeleringang kortgesloten
Voeler niet aangesloten of voeleringang kortgesloten
Voeler niet aangesloten of voeleringang kortgesloten
Voeler niet aangesloten of voeleringang kortgesloten
Geen elektrische verbinding Geen eBUS-verbinding
Geen elektrische verbinding Geen eBUS-verbinding
Omgevingscircuitpomp defect, Temperatuurfout omgevingscircuituitlaat defect, Te geringe volumestroom in het omgevingscircuit, Lucht in omgevingscircuit
Omgevingscircuitpomp defect, Temperatuursensor omgevingscircuituitlaat defect, Te geringe volumestroom in het omgevingscircuit, Lucht in omgevingscircuit, Instelling toestelidentificatie (DSN) is bij de vervanging van de thermostaatprintplaat (HMU) niet overgenomen, Instelling van de bevriezingsbeveiliging is bij de vervanging van de thermostaatprintplaat (HMU) niet overgenomen
Omgevingscircuitpomp defect, Temperatuurfout voeler omgevingscircuituitlaat defect, Te geringe volumestroom in het omgevingscircuit
Drukval in het milieucircuit door lek of lucht, Omgevingscircuitdruksensor defect
Drukverlies in het omgevingscircuit door lek of luchtkussen, Omgevingscircuitdruksensor defect
De elektronica van de hoogefficiënte pomp heeft een fout (bijv. droog lopen, blokkering, overspanning, onderspanning) vastgesteld en is vergrendelend uitgeschakeld.
De elektronica van de hoogefficiënte pomp heeft een fout (bijv. droog lopen, blokkering, overspanning, onderspanning) vastgesteld en is vergrendelend uitgeschakeld, Lucht in omgevingscircuit, Viscositeit van de brijn is te hoog
Fout in elektronica van de hoogefficiënte pomp(bijv. droog lopen, blokkering, overspanning, onderspanning) en is vergrendelend uitgeschakeld.
Bevestigingssignaal ontbreekt, de ventilator roteert.
Bevestigingssignaal ontbreekt dat de ventilator roteert
Veiligheidstemperatuurbegrenzer ontdooier geopend, Storing ontdooier
De veiligheidstemperatuurbegrenzer van de ontdooier is geopend door een te geringe volumestroom resp. brijntemperaturen boven 65 °C, Gebruik van de ontdooier buiten het toegestane bereik, Elektrisch ontdooien bij niet gevuld brijncircuit, Elektrisch ontdooien met brijntemperaturen boven 115 °C doet de smeltzekering van de veiligheidstemperatuurbegrenzer uitvallen en vereist een vervanging.
Drukverlies in het afgiftecircuit door lek of luchtkussen, Afgiftecircuitdruksensor defect
Drukval in het afgiftecircuit door lek of lucht, Afgiftecircuitdruksensor defect
Voeler niet aangesloten of voeleringang kortgesloten
Voeler niet aangesloten of voeleringang kortgesloten
Voeler niet aangesloten of voeleringang kortgesloten
Voeler niet aangesloten of voeleringang kortgesloten
Compressor oververhit, bijv. door gebruik buiten zijn toepassingsgrenzen, Maximale omgevingstemperatuur voor de warmtepomp van 40°C werd overschreden, Compressor geblokkeerd door mechanisch defect, Compressor geblokkeerd door te hoog drukverschil bij het inschakelen (> 3 bar)
De elektronische expansieklep werkt niet normaal.
Lagedrukschakelaar defect, Ventilator defect, Lekkage in het koudemiddelcircuit
Compressoruitlaattemperatuur gedurende meer dan 10 minuten lager dan 0 °C of compressoruitlaattemperatuur lager dan -10 °C hoewel de warmtepomp zich in het bedrijfsgebied bevindt.
Compressoruitlaattemperatuur gedurende meer dan 10 minuten lager dan 0 °C of compressoruitlaattemperatuur lager dan -10 °C hoewel de warmtepomp zich in het bedrijfskenveld bevindt.
Lagedrukschakelaaringang niet gebrugd (X22-8 naar X22-11)
Koudemiddeldruk te hoog. De geïntegreerde hogedrukschakelaar is bij 41,5 bar (g) geactiveerd, Niet voldoende energieafgifte via de betreffende condensator
Koelmiddeldruk te hoog. De geïntegreerde hogedrukschakelaar is bij 46 bar (g) resp. 47 bar (abs) geactiveerd, Niet voldoende energieafgifte via de betreffende condensator
Koelmiddeldruk te hoog. De geïntegreerde hogedrukschakelaar in de buitenunit is bij 31,5 bar (g) resp. 32,5 bar (abs) geactiveerd, Niet voldoende energieafgifte via de condensor
Koelmiddeldruk te hoog. De geïntegreerde hogedrukschakelaar (ook filter vervangen) buitenunit is geactiveerd, Onvoldoende energieafgifte via de condensor
Koelmiddeldruk te hoog. De geïntegreerde hogedrukschakelaar (ook filter vervangen) (ook filter vervangen) buitenunit is geactiveerd, Onvoldoende energieafgifte via de condensor
De compressoruitlaattemperatuur ligt boven 130°C: Toepassingsgrenzen overschreden, EEV functioneert niet of opent niet correct, Koelmiddelhoeveelheid te gering
De compressoruitlaattemperatuur ligt boven 130°C:, Toepassingsgrenzen overschreden, EEV functioneert, niet of opent niet correct, Koelmiddelhoeveelheid te gering
Compressoruitlaattemperatuur ligt boven 130°C: Toepassingsgrenzen overschreden, EEV functioneert niet of opent niet correct, Koudemiddelhoeveelheid te laag (vaak ontdooien vanwege zeer lage verdampingstemperaturen)
De compressoruitlaattemperatuur ligt boven 110°C: Toepassingsgrenzen overschreden, EEV functioneert niet of opent niet correct, Koudemiddelhoeveelheid te laag (vaak ontdooien vanwege zeer lage verdampingstemperaturen)
De compressoruitlaattemperatuur is hoger dan 130 °C: toepassingsgrenzen overschrijden, EEV functioneert niet of opent niet correct, koudemiddelhoeveelheid te gering (vaak ontdooien als gevolg van zeer lage verdampingstemperaturen)
De compressoruitlaattemperatuur ligt boven 115°C: Toepassingsgrenzen overschreden, EEV functioneert niet of opent niet correct, Koudemiddelhoeveelheid te gering
Geen doorstroming in het omgevingscircuit (CV-bedrijf), Te geringe energie-opbrengst in het omgevingscircuit (CV-bedrijf) of afgiftecircuit (koelbedrijf)
Geen doorstroming in het omgevingscircuit(CV-bedrijf), Te geringe energie-opbrengst in het omgevingscircuit (CV-bedrijf) of afgiftecircuit (koelbedrijf)
Te geringe luchtvolumestroom door de warmtewisselaar van de buitenunit (CV-functie) veroorzaakt een te lage energieinput in het omgevingscircuit (CV-functie) of afgiftecircuit (koelbedrijf), Koelmiddelhoeveelheid te gering
Te kleine luchtvolumestroom door de warmtewisselaar van de buitenunit (CV-bedrijf) veroorzaakt een te lage energie-input in het omgevings- circuit (CV-bedrijf) of afgiftecircuit (koelbedrijf), Te weinig koelmiddelhoeveelheid
Geen doorstroming in het omgevingscircuit (CV-bedrijf), Te geringe energieopbrengst in het omgevingscircuit (CV-bedrijf) of afgiftecircuit (koelbedrijf)
Temperatuur in het CV-circuit te laag, buiten het bedrijfskenveld, Koudemiddelhoeveelheid te laag
Temperatuur in het CV-circuit te laag buiten het bedrijfskenveld, Koudemiddelhoeveelheid te laag
Temperatuur in het afgiftecircuit (CVbedrijf) resp. omgevingscircuit (koelbedrijf) te laag voor compressorbedrijf, Koudemiddelhoeveelheid te laag
Temperatuur in het afgiftecircuit (CVbedrijf) resp. omgevingscircuit (koelbedrijf) te hoog voor compressorbedrijf, Voeding van externe warmte in het omgevingscircuit
Temperatuur in het afgiftecircuit (CV-bedrijf) resp. omgevingscircuit (koelbedrijf) te hoog voor compres, sorbedrijf, Voeding van externe warmte in het omgevingscircuit te hoog, vanwege verhoogde ventilatortoerental
Temperatuur in het afgiftecircuit (CV-bedrijf) resp. omgevingscircuit (koelbedrijf) te hoog voor compressorbedrijf, Voeding van externe warmte in het omgevingscircuit te hoog vanwege verhoogde ventilatortoerental
Temperatuur in het afgiftecircuit (CV-bedrijf) resp. omgevingscircuit (koelbedrijf) te hoog voor compressorbedrijf, Voeding van externe warmte in het omgevingscircuit te hoog, vanwege verhoogde ventilatortoerental
Temperatuur in het afgiftecircuit (CV-bedrijf) resp. omgevingscircuit (koelbedrijf) te hoog voor compressorbedrijf, Voeding van externe warmte in het omgevingscircuit
Temperatuur in het afgiftecircuit (CV-bedrijf) resp. omgevingscircuit (koelbedrijf) te hoog voor compressorbedrijf, Voeding van externe warmte in het omgevingscircuit, Koelmiddelcircuit te vol, Te geringe doorstroming in het afgiftecircuit
Inlaattemperatuur in het omgevingscircuit te laag voor compressorstart verwarmen: Lucht/brijn: omgevingscircuitinlaattemperatuur < -28 °C, Bodem/brijn: omgevingscircuitinlaattemperatuur, < −7°C, Grondwater/brijn: grondwaterinlaattemperatuur < 2 °C
Inlaattemperatuur in het omgevingscircuit te laag voor compressorstart - Verwarmen: VWL luchtinlaattemperatuur < 0 °C - VWS omgevingscircuitinlaattemperatuur < -10 °C, Koelen: VWL luchtinlaattemperatuur < 15 °C
Inlaattemperatuur in het omgevingscircuit te laag voor compressorstart verwarmen: Lucht/brijn: omgevingscircuitinlaattemperatuur < -28 °C, Grond/brijn: omgevingscircuitinlaattemperatuur < -7 °C, Grondwater/brijn: grondwaterinlaattemperatuur < 2 °C
Retourtemperatuur in het afgiftecircuit te laag voor compressorstart, Verwarmen: Retourtemperatuur < 5 °C, Koelen: Retourtemperatuur < 10 °C
Retourtemperatuur in het afgiftecircuit te laag voor compressorstart Verwarmen:, Retourtemperatuur < 5 °C Koelen:, Retourtemperatuur < 10 °C
Tijdens de ontdooiing daalt de retourtemperatuur onder 13 °C
Retourtemperatuur in het afgiftecircuit te laag voor compressorstart - Verwarmen: Retourtemperatuur < 5 °C, Koelen: Retourtemperatuur < 7 °C
Inlaattemperatuur in het omgevingscircuit te hoog voor compressorstart, brijninlaattemperatuur > 50 °C, boeding van externe warmte in het omgevingscircuit
Inlaattemperatuur in het omgevingscircuit te hoog voor compressorstart - Verwarmen: Luchtinlaattemp. > 25 °C, Koelen: Luchtinlaattemp. > 37 °C
Inlaattemperatuur in het omgevings- circuit te hoog voor compressorstart, Brijninlaattemperatuur > 50 °C, Voeding van externe warmte in het omgevingscircuit
Retourtemperatuur in het afgiftecircuit te hoog voor compressorstart, Verwarmen: Retourtemperatuur > 55 °C tot 60 °C (afhankelijk van de brijninlaattemperatuur), Koelen: Retourtemperatuur > 35 °C
Retourtemperatuur in het afgiftecircuit te hoog voor compressorstart, Verwarmen: Retourtemperatuur > 55°C tot 60 °C (afhankelijk van de brijninlaattemperatuur), Koelen: Retourtemperatuur > 35 °C
Kabelisolatie defect, Verbinding onderbroken
Spanningsvoeding van het product is te laag, Lamellenwarmtewisselaar of warmtewisselaar is vervuild
De parameter ""Max. duur van de stroomonderbreking"" is slecht ingesteld (zie ""Instelparameters van de warmtepomp"" in de bijlage), Omvormerbox beschadigd, Koeler omvormerbox is geblokkeerd, Foute spanningsvoeding
Interne elektronicafout op de inverterprintplaat, Netspanning buiten 70V – 282V
Interne elektronicafout op de inverterprintplaat, Netspanning buiten 70 V – 282 V
Interne elektronicafout op de inverterprintplaat. Netspanning buiten 70 V – 282 V.
Ontbrekende communicatie tussen de omvormer en de thermostaatprintplaat van de buitenunit.
Ontbrekende communicatie tussen de omvormer en de thermostaatprintplaat van de buitenunit
De parameter ""Max. duur van de stroomonderbreking"" is verkeerd ingesteld (zie ""Instelparameters van de warmtepomp"" in de bijlage), Verbinding tussen de hoofdprintplaat en de omvormerbox is beschadigd of onderbroken, Omvormerbox wordt niet ingeschakeld
Verbinding tussen de hoofdprintplaat en de de printplaat van de ventilator is beschadidg of onderbroken, Ventilator printplaat is defect
Mechanisch of elektrisch probleem. Beweeg de vierwegklep vanaf de thermostaat. Controleer tijdens de beweging of de spoelspanning correct is.
Verkeerde positie van de vierwegklep. Als in het CV-bedrijf de aanvoertemperatuur lager is dan de retourtemperatuur in het afgiftecircuit, Temperatuursensor in het EEV-omgevingscircuit geeft foute temperatuur weer
Verkeerde positie van de vierwegklep. Als in het CV-bedrijf de aanvoertemperatuur lager is dan de retourtemperatuur in het afgiftecircuit, Temperatuursensor in het EEV-omgevingscircuit geeft foute temperatuur weer.
Verkeerde positie van de vierwegklep. Als in de CV-functie de aanvoertemperatuur lager is dan de retourtemperatuur in het afgiftecircuit. Temperatuursensor in het EEV-omgevingscircuit geeft foute temperatuur weer.
De compressor is meerdere keren gestopt, voordat de minimale looptijd is bereikt. Het product is daarom geblokkeerd. In het systeem zonder buffer met gering CV-watervolume, kan de temperatuur zeer snel toenemen of dalen, wanneer de compressor start. Afhankelijk van de startvoorwaarden bestaat dan het gevaar, dat het product stopt.
Kortsluiting in de compressorkabel, Kabelaansluiting op compressor niet vastgeschroefd
Frequentie-omvormer: signaal van de interne sensor (stroom, temperatuur, detectiecircuit) ongeldig
Fasevolgorde aan compressor foutief, Kabelaansluiting op compressor niet vastgeschroefd, Compressor defect
Te lage spanning aan de DC- tussencircuitvoeding, Te hoge spanning aan de DC- tussencircuitvoeding, Kabelaansluiting op compressor niet vastgeschroefd, Netspanning ongeldig
Sensor niet aangesloten of sensoringang kortgesloten.
Sensor niet aangesloten of sensoringang kortgesloten
De temperatuursensor is defect of niet juist op de hoofdprintplaat aangesloten.
Geen elektrische verbinding Geen eBUS-verbinding
Kabel niet of verkeerd aangesloten
Kabel niet of verkeerd aangesloten
Bevestigingssignaal ontbreekt, de ventilator roteert.
Bevestigingssignaal ontbreekt dat de ventilator roteert
De veiligheidstemperatuurbegrenzer van de ontdooier is geopend door een te geringe volumestroom resp. brijntemperaturen boven 65 °C, Gebruik van de ontdooier buiten het toegestane bereik, Elektrisch ontdooien bij niet gevuld brijncircuit, Elektrisch ontdooien met brijntemperaturen boven 115 °C doet de smeltzekering van de veiligheidstemperatuurbegrenzer uitvallen en vereist een vervanging.
Drukverlies in het omgevingscircuit door lek of luchtkussen, Afgiftecircuit-drukschakelaar defect
Drukverlies in het omgevingscircuit door lek of luchtkussen, Afgiftecircuit-drukschakelaar defect, Leiding ofwel tussen X110B en X110 of X110 en X110A van de netaan- sluitingsprintplaat niet aangesloten. Aan X131 is geen 230 V voorhanden. Wordt als openen van het ingangscontact geïnterpreteerd, Brug aan X131 (leveringstoestand). Grotere spanningsschommelingen in de stroomvoorziening kunnen tot de foutmelding leiden, Zekering T4 defect
De elektronica van de hoogefficiënte pomp heeft een fout (bijv. droog lopen, blokkering, overspanning, onderspanning) vastgesteld en is vergrendelend uitgeschakeld.
De elektronica van de hoogefficiëntepomp heeft een fout (bijv. drooglopen, blokkering, overspanning, onderspanning) vastgesteld en is vergrendelend uitgeschakeld.
Voeler niet aangesloten of voeleringang kortgesloten
Voeler niet aangesloten of voeleringang kortgesloten
Voeler niet aangesloten of voeleringang kortgesloten
Voeler niet aangesloten of voeleringang kortgesloten
Temperatuursensor niet aangesloten of sensoringang kortgesloten.
Temperatuursensor niet aangesloten of sensoringang kortgesloten.
Voeler niet aangesloten of voeleringang kortgesloten
Voeler niet aangesloten of voeleringang kortgesloten
Voeler niet aangesloten of voeleringang kortgesloten
Voeler niet aangesloten of voeleringang kortgesloten
Voeler niet aangesloten of voeleringang kortgesloten
Voeler niet aangesloten of voeleringang kortgesloten
Voeler niet aangesloten of voeleringang kortgesloten
Voeler niet aangesloten of voeleringang kortgesloten
Defect in de compressor (bijv. kortsluiting), Defect in de omvormer, Aansluitkabel van de compressor defect of los
Defect in de compressor (bijv. kortsluiting), Defect in de omvormer, Aansluitkabel van de compressor defect of los.
Verkeerde netspanning voor het bedrijf van de omvormer, Uitschakeling door energiebedrijf
Verkeerde netspanning voor het bedrijf van de omvormer. Uitschakeling door energiebedrijf
Interne oververhitting van de omvormer.
Interne oververhitting van de omvormer
Pomp meldt geen signaal naar de warmtepomp terug
Pomp meldt geen signaal naar de warmtepomp terug.
Sensor niet aangesloten of sensoringang kortgesloten. Beide aanvoertemperatuursensoren in de warmtepomp zijn defect.
Sensor niet aangesloten of sensoringang kortgesloten, Beide aanvoertemperatuursensoren in de warmtepomp zijn defect
De heetgasthermostaat schakelt de warmtepomp uit als de druk in het koudemiddelcircuit te hoog is. Na een wachttijd volgt een bijkomende startpoging van de warmtepomp. Na drie mislukte startpogingen na elkaar wordt een foutmelding weergegeven, Koudemiddelcircuittemperatuur max.: 110 °C, Wachttijd: 5 min (na het eerste optreden), Wachttijd: 30 min. (na het tweede en elk daarop volgend optreden), Terugzetten van de foutenteller bij intreden van beide voorwaarden: Warmteaanvraag zonder voortijdig uitschakelen 60 min ongestoord bedrijf
De heetgasthermostaat schakelt de warmtepomp uit als de druk in het koudemiddelcircuit te hoog is. Na een wachttijd volgt een bijkomende startpoging van de warmtepomp. Na drie mislukte startpogingen na elkaar wordt een foutmelding weergegeven: Koudemiddelcircuittemperatuur max.: 130 °C, Wachttijd: 5 min (na het eerste optreden), Wachttijd: 30 min. (na het tweede en elk daarop volgend optreden), Terugzetten van de foutenteller bij intreden van beide voorwaarden: Warmteaanvraag zonder voortijdig uitschakelen, 60 min ongestoord bedrijf
Drukverlies in het afgiftecircuit door lek of luchtkussen, Afgiftecircuitdruksensor defect
Koudemiddelcircuit temperatuursensor (dampvormig) niet aangesloten of sensoringang kortgesloten
Sensor niet aangesloten of sensoringang kortgesloten
Instelling DIP-schakelaar past niet bij hardware, Buitenunit defect
Communicatie met CIM-module is onderbroken
Kabel niet of verkeerd aangesloten. Buitenunit zonder voedingsspanning.
EBus-kabel niet of verkeerd aangesloten, Buitenunit zonder voedingsspanning
HanVos plant een vakkundige monteur in — neem de storingscode mee, dat scheelt tijd.