Itho Daalderop warmtepomp storingscodes
Alle bekende storingscodes voor Itho Daalderop warmtepomp met hun betekenis en waarschijnlijke oorzaak. Liever zelf zoeken? Gebruik de interactieve storingscode-zoeker.
125 storingscodes · bron: storingscode-database. Controleer altijd de handleiding van uw specifieke toestel.
De communicatie met de warmtepomp is onderbroken.
Temperatuur is buiten het normale werkgebied of de sensor is onderbroken of kortgesloten.
Temperatuur is buiten het normale werkgebied of de sensor is onderbroken of kortgesloten.
Temperatuur is buiten het normale werkgebied of de sensor is onderbroken of kortgesloten.
Druksensor cv functioneert niet goed of is defect.
Stroommeetspoel functioneert niet goed of is defect.
Stroommeetspoel functioneert niet goed of is defect.
De flowsensor bron functioneert niet goed of is defect.
Een automatische functie of instelling is gewijzigd naar handbediening.
De pressostaat (hogedrukschakelaar) is geactiveerd.
De pressostaat (hogedrukschakelaar) functioneert niet goed of is defect.
De waterdruk van het cvsysteem is te laag.
Temperatuur is buiten het normale werkgebied of de sensor is onderbroken of kortgesloten.
De waterdruk van het cvsysteem is te laag.
De startstroom compressor is te hoog. De temperatuurbeveiliging compressor functioneert niet goed of is defect.
De startstroom compressor is te hoog.
De temperatuurbeveiliging compressor functioneert niet goed of is defect.
De fasevolgorde in de wandcontactdoos is niet rechtsdraaiend op warmtepomp.
Er is geen rechtsdraaiend veld op de inkomende 3 fase voeding op warmtepomp.
De stroomopname compressor is te laag.
De stroomopname elektrisch verwarmingselement is te laag.
De stroomopname compressor is te hoog.
De stroomopname elektrisch verwarmingselement is te hoog.
De bronretourtemperatuur (T8) is te laag.
De bronaanvoertemperatuur (T9) is te laag.
Temperatuur is buiten het normale werkgebied of de sensor is onderbroken of kortgesloten.
De vloeistoftemperatuur (T7) is te hoog.
De persgastemperatuur (T6) is te hoog.
De inspuittemperatuur (T4) is te laag.
Te hoge persgastemperatuur in verhouding tot de vloeistoftemperatuur en het expansieventiel staat volledig open.
De cvaanvoertemperatuur (T10) is te hoog.
De cv-aanvoertemperatuur (T10) is te hoog.
Communicatiestoring thermostaat.
Stroomopname compressor zonder aansturing.
Het elementrelais blijft hangen.
Temperatuur is buiten het normale werkgebied of de sensor is onderbroken of kortgesloten.
Temperatuursensor T8 (bronretour) en T9 (bronaanvoer) functioneren niet goed of zijn defect.
Er is een ongeschikte thermostaat aangesloten.
Temperatuur is buiten het normale werkgebied of de sensor is onderbroken of kortgesloten.
Temperatuur is buiten het normale werkgebied of de sensor is onderbroken of kortgesloten.
Temperatuur is buiten het normale werkgebied of de sensor is onderbroken of kortgesloten.
Temperatuur is buiten het normale werkgebied of de sensor is onderbroken of kortgesloten.
Temperatuur is buiten het normale werkgebied of de sensor is onderbroken of kortgesloten.
Er is te lang geen draadloze communicatie tussen de hoofdthermostaat en de regelaar.
De temperatuursensor van de hoofdthermostaat is defect.
De temperatuursensor van een ruimtethermostaat is defect.
De regelaar staat in handbediening.
Er is te lang geen RF communicatie tussen een ruimtethermostaat en de regelaar.
Er is te lang geen communicatie tussen de hoofdregelaar en subregelaar 1.
Er is te lang geen communicatie tussen hoofdregelaar en subregelaar 2.
Configuratie niet goed afgesloten.
Een klepmotor reageert niet.
De batterijen van een ruimtethermostaat moeten worden vervangen.
De batterijen van de hoofdthermostaat moet worden vervangen.
Normaal bedrijf
Blokkering rotor.
Wikkeling defect.
Er is een storing in de communicatie tussen het bedieningspaneel en het binnendeel. Dit is waarschijnlijk een storing van de printplaat.
Er is een storing in de communicatie tussen de hoofdregelprintplaat en de moduleprintplaat van het buitendeel.
Er is een storing in de stroomtoevoer naar de compressor.
Er is een storing in de stroomtoevoer naar de compressor.
Er is een storing in de compressor.
Er is een storing in de VDC-moudle. De spanning is te hoog of te laag.
Er is een storing in de wisselstroomspanning.
Er is een storing op de EEPROM.
De buitentemperatuursensor van het buitendeel heeft een storing.
De buitentemperatuursensor van de verdamper- van het buitendeel heeft een storing.
De persgastemperatuursensor van de compressor heeft een storing.
De zuiggastemperatuursensor van het buitendeel heeft een storing.
De verdampingsdruksensor heeft een storing.
De condensatiedruksensor heeft een storing.
De hoge- / lagedrukschakelaar is geopend terwijl de warmtepomp in de wachtstand staat, of 2 minuten nadat de compressor is stilgezet.
De gelijkstroomventilator of -ventilatoren (bij een systeem met twee ventilatoren) kan het vereiste toerental niet bereiken of er is geen terugkoppelingssignaal.
De ventilator(en) kunnen het vereiste toerental niet bereiken of er is geen terugkoppelingssignaal.
De verdampingsdruk is te laag.
De condensatiedruk is te hoog.
Er is een storing in de temperatuursensor Tr.
Er is een storing in de temperatuursensor Tw.
Er is een storing in de temperatuursensor Tc.
Er is een storing in de temperatuursensor Tuo.
Er is een storing in de temperatuursensor Tui.
Er is een storing in de temperatuursensor Tup.
Er is een storing in de temperatuursensor Tv1.
Er is een storing in de temperatuursensor Tv2.
Er is een storing in de communicatie tussen het bedieningspaneel en de printplaat van het binnendeel of buitendeel.
Er is een storing op de EEPROM van het binnendeel.
Er is een storing op het terugkoppelingssignaal PWM.
Er is een storing op mengventiel 1.
Er is een storing op mengventiel 2.
Onder-/overspanning. Temperatuur pompmodule te hoog.
Droogloop
Overbelasting
Tijdens de installatie is het vacumeren niet correct uitgevoerd en is er lucht in het koudemiddelsysteem terechtgekomen.
Er is te veel koudemiddel in het systeem.
De luchtdoorstroming van het buitendeel is niet voldoende.
De ingangstroom is te hoog, of te laag, of het systeem is overbelast.
De ingangstroom is te hoog, of te laag, of het systeem is overbelast.
Storing compressoraandrijving.
Als de compressor gedurende langere tijd continu met een laag toerental werkt, wordt deze beveiliging geactiveerd om de compressorolie weer in de compressor te zuigen
Compressor wordt uitgeschakeld als gevolg van opening hoge-/lagedruk-schakelaar door abnormaal hoge/lage druk.
Toerental compressor daalt vanwege detectie van abnormaal hoge druk door de condensor- druksensor.
Wanneer de compressor lange tijd heeft stilgestaan en de buitentemperatuur laag is, wordt de carterverwarming van de compressor enige tijd ingeschakeld om de compressor op te warmen voordat deze start.
Aanvoertemperatuur te hoog of debiet te laag of onvoldoende koudemiddel.
Luchtcirculatie buitendeel niet goed.
De ingangsspanning van de warmtepomp is te hoog of te laag.
Compressor wordt uitgeschakeld als gevolg van te hoge/lage buitentemperatuur.
Compressor wordt begrensd als gevolg van te hoge/lage buitentempe-ratuur.
Het toerental van de compressor daalt vanwege detectie van abnormaal lage druk door de condensor-druksensor
Elektrische zekering defect.
Pomp heeft geen voedingsspanning.
Cavitatie door lage systeemdruk
Er is een storing in de in de antvriesbescherming van de koeling van het binnendeel. Het toerental van de compressor wordt verlaagd als de wisselaartemperatuur lager is dan 2 ℃; de compressor wordt stilgezet als de wisselaartemperatuur lager is dan -1 ℃; de compressor wordt herstart als de wisselaartemperatuur hoger is dan 6 ℃.
Het debiet in het systeem is lager dan is toegestaan. (HP-S 55 minimaal 600l/uur, HP-S 95 en HP-S 130 minimaal 900l/uur)
De debietschakelaar werkt niet.
Er gaan te veel data verloren tijdens de communicatie.
Er is een storing opgetreden tijdens de communicatie tussen het bedieningspaneel en de printplaat van het binnendeel of de buitendeel.
De aanvoertemperatuur tijdens koelen is lager dan 5°C. De compressor wordt stilgezet als de aanvoertemperatuur in koelbedrijf lager is dan 5 ℃.
De aanvoertemperatuur tijdens verwarmen / tapwater bereiden is hoger dan toegestaan. De compressor wordt stilgezet als de aanvoertemperatuur in de verwarmings- of warmwaterstand hoger is dan 57 ℃.
Ontdooiingsproces na drie keer initiëren niet gelukt. De normale werking van de installatie kan alleen worden hersteld door deze te herstarten.
De aanvoertemperatuur tijdens verwarmen / tapwater bereiden is te laag.
Het waterdebiet is te laag.
De vorstbeveiliging tijdens koelen is geactiveerd.
Energiebesparing tijdens standby van de warmtepomp.
Geen voeding.
Ledverlichting defect.
HanVos plant een vakkundige monteur in — neem de storingscode mee, dat scheelt tijd.