Buderus cv-ketel storingscodes
Alle bekende storingscodes voor Buderus cv-ketel met hun betekenis en waarschijnlijke oorzaak. Liever zelf zoeken? Gebruik de interactieve storingscode-zoeker.
174 storingscodes · bron: storingscode-database. Controleer altijd de handleiding van uw specifieke toestel.
De cv-ketel bevindt zich in schoorsteenvegerbedrijf of in servicebedrijf.
De cv-ketel bevindt zich in cv-bedrijf.
De cv-ketel bevindt zich in warmwater-bedrijf.
De cv-ketel wacht.
De cv-ketel wacht na einde warmwaterbedrijf
De cv-ketel wacht.
De cv-ketel bereidt zich voor op een branderstart. De ventilator en de pomp worden aangestuurd.
De cv-ketel wacht.
De cv-ketel staat stand-by
Het gasregelblok wordt aangestuurd.
De cv-ketel wordt opgestart.
De cv-ketel wacht. De gemeten aanvoertemperatuur is hoger dan de berekende of ingestelde cv-watertemperatuur.
De aanvoertemperatuursensor heeft een temperatuur gemeten die hoger is dan 95°C.
De safetytemperatuursensor heeft een temperatuur gemeten die hoger is dan 95°C.
De retourtemperatuursensor heeft een temperatuur gemeten die hoger is dan 95°C.
De rookgassensor heeft een te hoge temperatuur gemeten en staat geopend.
De cv-waterdruk is te laag, lager dan 0,2 bar.
De aanvoertemperatuursensor meet geen temperatuurstijging na een branderstart.
Het temperatuursverschil van het cv-water gemeten tussen de aanvoer- en safetytemperatuursensor is te groot.
Starttest te vaak afgebroken.
De druksensor meet geen waterstroming.
De gemeten temperatuur door de aanvoertemperatuur- sensor of de safetytemperatuursensor stijgt te snel.
Temperatuurtoename ketelvoeler te snel ( > 70K/min). Bescherming warmtewisselaar vanwege te hoge toenamesnelheid.
De gemeten temperatuur door de aanvoertemperatuur- sensor of de retourtemperatuursensor stijgt te snel.
De pomp zit vast of draait in lucht.
Het stuursignaal van de pomp ontbreekt.
Het stuursignaal of de spanning van de ventilator is tijdens bedrijf weggevallen.
De ventilator draait onregelmatig tijdens het opstarten.
De cv-ketel is maximaal 2 minuten uitgeschakeld geweest, omdat de cv-ketel gedurende 24 uur continu in bedrijf is geweest.
Ventilator draait niet tijdens de opstartfase 0 C.
De ventilator draait te langzaam.
De ventilator draait te snel.
De aanvoertemperatuursensor heeft een temperatuur gemeten die hoger is dan 105 °C.
De aanvoertemperatuursensor heeft een temperatuur gemeten die hoger is dan 110 °C.
De safetytemperatuursensor heeft een te hoge temperatuur gemeten en staat geopend.
De sensortest is mislukt.
De safetytemperatuursensor heeft een temperatuur gemeten die hoger is dan 105°C.
De contacten van de safetytemperatuursensor zijn kortgesloten of de safetytemperatuursensor heeft een temperatuur gemeten die hoger is dan 130 °C.
De contacten van de safetytemperatuursensor zijn onderbroken.
De contacten van de aanvoertemperatuursensor zijn kortgesloten.
De contacten van de aanvoertemperatuursensor zijn onderbroken.
Diagnose tool is aangesloten geweest.
Diagnose tool: Servicetest duurt te lang.
Diagnose tool: Componententestfase.
Diagnose tool: Servicetest duurt te lang of een cv-toestelparameter is gewijzigd.
Er is onvoldoende ionisatiestroom gemeten na het ontsteken van de brander.
Er is een ionisatiestroom gemeten, voordat de brander is gestart.
Er is een ionisatiestroom gemeten, nadat de brander is gedoofd.
Er is onvoldoende ionisatiestroom gemeten tijdens het branden.
De ontstekingsunit is te lang aangestuurd.
De netspanning is tijdens een vergrendelende storing onderbroken geweest.
Er is een kortstondige onderbreking van de netspanning geweest.
De branderautomaat is defect.
De branderautomaat is defect.
Het externe schakelcontact is geopend.
De KIM is te nieuw voor de branderautomaat.
Verkeerde KIM voor de cv-ketel en de branderautomaat.
De branderautomaat of de KIM is defect.
De branderautomaat of de KIM is defect.
De branderautomaat of de KIM is defect.
De contacten van het gasregelblok zijn onderbroken.
De branderautomaat of de KIM is defect.
De branderautomaat of de KIM is defect.
De branderautomaat of de KIM is defect.
Communicatiefout tussen bedieningspaneel BC10 en branderautomaat.
1: De waterdruk is < 0,6 bar. 2: CV-ketel of pomp hydraulisch fout aangesloten. 3: Verschil aanvoeren retourtemperatuur te groot. 4: Problemen in de hydraulica.
Verschil aanvoeren retourtemperatuur te groot. > 40K Bescherming warmtewisselaar vanwege te grote temperatuurspreiding.
Communicatie met de SAFe onvolledig. Wanneer niet alle benodigde data door SAFe worden geleverd, genereert de MC10 deze fout.
Onvolledige communicatie met de branderautomaat.
Geen communicatie met de SAFe. De MC10 krijgt geen data van de SAFe.
Geen communicatie met de branderautomaat.
Geen vlam binnen de veiligheidstijd. Binnen de veiligheidstijd is de ionisatiestroom < 1,1 µA.
Geen vlam binnen de veiligheidstijd.
Doven van de vlam binnen de stabiliseringstijd vlam. Er werd geen vlamsignaal binnen de stabiliseringstijd getecteerd
Vlam dooft binnen de stabilisatietijd vlam.
Uitval van het ionisatiesignaal tijdens bedrijf. Tijdens branderwerking uitval van het ionisatiesignaal.
Uitval van het ionisatiesignaal tijdens bedrijf.
Te lage spanning. De netspanning is te laag.
Onderspanning.
Spanningsonderbreking. De netspanning werd gedurende een korte tijd onderbroken.
Spanningsonderbreking.
De veiligheidsketen werd geopend. De in de veiligheidsketen van de MC10 opgenomen externe componenten vertonen een onderbreking\.
Het veiligheidscircuit is geopend.
Geen gasdruk of aanvullende rookgasdrukbegrenzer (druk > 7,5 mbar) heeft geschakeld. Alhoewel magneetventiel 1 geopend zou moeten zijn, is er geen gasdruk. De brander probeert opeenvolgend drie keer te starten, dan wacht deze een uur, om dan opnieuw drie startpogingen te doen.
Geen gasaansluitdruk
De waterdruk is te hoog (> 5 bar) of de contacten van de druksensor zijn onderbroken.
De contacten van de druksensor zijn kortgesloten.
De retourtemperatuursensor heeft een cv-retourtemperatuur gemeten die hoger is dan 105 °C.
De contacten van de retourtemperatuursensor zijn kortgesloten.
De contacten van de retourtemperatuursensor zijn onderbroken.
De branderautomaat of de KIM is defect.
De branderautomaat of de KIM is defect.
De branderautomaat of de KIM is defect.
De branderautomaat of de KIM is defect.
De branderautomaat of de KIM is defect.
De branderautomaat of de KIM is defect.
De branderautomaat of de KIM is defect.
De branderautomaat of de KIM is defect.
De branderautomaat of de KIM is defect.
De branderautomaat of de KIM is defect.
De branderautomaat of de KIM is defect.
De branderautomaat of de KIM is defect.
De branderautomaat of de KIM is defect.
De branderautomaat of de KIM is defect.
De branderautomaat of de KIM is defect.
De branderautomaat of de KIM is defect.
De branderautomaat of de KIM is defect.
De branderautomaat of de KIM is defect.
De branderautomaat of de KIM is defect.
De branderautomaat of de KIM is defect.
De branderautomaat of de KIM is defect.
De branderautomaat of de KIM is defect.
De branderautomaat of de KIM is defect.
De cv-waterdruk is lager dan 1,0 bar tijdens stand-by of lager dan 1,3 bar tijdens bedrijf. Het vermogen voor zo- wel cv-bedrijf als voor warmwaterbedrijf wordt beperkt.
De uitstroom- of koudwatertemperatuursensor is defect. De functie wordt overgenomen door de software van het cv-toestel.
De boilertemperatuursensor is defect. De functie wordt overgenomen door de software van de cv-ketel.
Een reset van de cv-ketel wordt uitgevoerd.
Toestel staat in antipendelprogramma. Binnen het ingestelde antipendelprogramma bestaat een nieuwe brandervraag. Toestel staat in schakelblokkering. De standaard antipendeltijd is 10 min.
Begin branderstart.
Toestel staat standby, warmtevraag is aanwezig, maar er wordt te veel energie geleverd. De actuele warmtevraag van de installatie is lager dan de minimale modulatiegraad van de brander.
Onvoldoende doorstroming door de ketel. Max. temperatuurverschil tussen aanvoer en retour > 15 K Temperatuurverschil tussen aanvoer en veiligheidstemperatuurvoeler > 15 K
Het toestel bevindt zich in standby, geen warmtevraag aanwezig. De CV-ketel is bedrijfsklaar en krijgt geen warmtevraag van de CV-groep.
Openen van het gasblok. Max. temperatuurverschil tussen aanvoer en retour > 15 K Temperatuurverschil tussen aanvoer en veiligheidstemperatuurvoeler > 15 K
Wacht op ventilatorstart. De detectie van de start is nodig voor de verdere procedure.
Begin programma voor branderstart.
De actuele ketelwatertemperatuur is hoger dan de ingestelde ketelwatertemperatuur. De actuele ketelwatertemperatuur is hoger dan de ingestelde ketelwatertemperatuur. De CV-ketel wordt uitgeschakeld.
CV-ketel of pomp hydraulisch fout aangesloten. De regeling van de CV-ketel heeft aan de waterzijde een verkeerde doorstroming geconstateerd.
Geen toerental. Er is geen terugmelding van het toerental bij de SAFe aanwezig, ondanks dat de ventilator in bedrijf zou moeten zijn.
Te laag ventilatortoerental. Het toerental is lager dan hetgeen is ingesteld.
Te hoog toerental ventilator. Het toerental is hoger dan hetgeen is ingesteld.
Aanvoer-ISTB; De aanvoertemperatuur heeft een waarde van 100 °C bereikt.
Aanspreken van de ISTB. De ketelaanvoertemperatuur heeft haar max. toegestane waarde bereikt.
Activeren van de ISTB (intelligente veiligheidstemperatuurbegrenzer).
Ketel is vergrendeld.
Voelerverschil bij ketelvoeler tussen temperatuurvoeler 1 en 2 te groot. Temperatuurverschil tussen temperatuurvoeler 1 en 2 te groot (afwijking van >5 K/2s).
Kortsluiting ketelvoeler tussen temperatuurvoeler 1 en 2. In de testmodus voor de temperatuurvoeler werd een fout vastgesteld.
Kortsluiting keteltemperatuursensor tussen temperatuursensor 1 en 2.
Kortsluiting keteltemperatuursensor.
Kortsluiting ketelvoeler. Er wordt een te hoge temperatuur (> 130 °C) aan de ketelvoeler gemeten.
Temperatuurvoeler van de CV-ketel onderbreking. Temperatuur aan de temperatuurvoeler van de CV-ketel te laag (< -5 °C).
Temperatuursensor cv-ketel onderbreking.
Ionisatiestroom binnen de voorbeluchting > 0,9 μA.
Ionisatiestroom binnen de voorbeluchting > 0,9 µA. Er werd een vlamsignaal binnen de voorbeluchtingsfase herkend.
5-maal „Power up“ (spanningsonderbreking tijdens de branderstart).De branderautomaat werd 5 keer tijdens de branderstart uitgeschakeld.
5-maal "Power up" (spanningsonderbreking tijdens de branderstart).
Magneetventiel 1 lek
Magneetventiel 1 lek.Het ventieltestsysteem heeft een ontoelaatbaar hoge lekkage bij magneetventiel 1 ontdekt. Magneetventiel 2 lek.Het ventieltestsysteem heeft een ontoelaatbaar hoge lekkage bij magneetventiel 2 ontdekt.
Magneetventiel 2 lek. Het ventieltestsysteem heeft een ontoelaatbaar hoge lekkage bij magneetventiel 2 ontdekt.
Magneetventiel 2 lek
Storing intern branderautomaatrelais.
Storing interne SAFe-relais. Interne storing elektronica in SAFe.
Storing waterdruksensor (kabelbreuk). Onderbreking waterdruksensor (spanning > 3,5 V).
Storing waterdruksensor (kabelbreuk).
Storing waterdruksensor (kortsluiting).
Storing waterdruksensor (kortsluiting). Kortsluiting waterdruksensor (spanning < 0,5 V).
Retourtemperatuur < -5 °C (onderbreking). Het regeltoestel krijgt onrealistische waarden van de retourvoeler.
Retourtemperatuur < –5 °C (on- derbreking)
Retourtemperatuur > 130 °C (kortsluiting)
Retourtemperatuur > 130 °C (kortsluiting). Het regeltoestel krijgt onrealistische waarden van de retourvoeler.
Aanvoertemperatuur < -5 °C (onderbreking). Het regeltoestel krijgt onrealistische waarden van de aanvoertemperatuurvoeler. Aanvoertemperatuur > 130 °C (kortsluiting). Het regeltoestel krijgt onrealistische waarden van de aanvoertemperatuurvoeler.
Aanvoertemperatuur < -5 °C (onderbreking)
Aanvoertemperatuur > 130 °C (kortsluiting)
Aanvoertemperatuur > 130 °C (kortsluiting). Het regeltoestel krijgt onrealistische waarden van de aanvoertemperatuurvoeler.
Meting aanvoertemperatuurvoeler. Opeenvolgende metingen van de aanvoertemperatuur wijken te sterk van elkaar af.
Meting keteltemperatuursensor (dubbele sensor).
Meting retourtemperatuursensor
Meting retourvoeler. Opeenvolgende metingen van de retourtemperatuur wijken te sterk van elkaar af.
Meting aanvoertemperatuurvoeler. Opeenvolgende metingen van de aanvoertemperatuur wijken te sterk van elkaar af.
Meting aanvoertemperatuursensor
Te veel herstarts ondanks vrijgave.
Te veel nieuwe starts ondanks ontgrendeling. Er deden zich direct achter elkaar 15 nieuwe starts voor. D.w.z. na het ontgrendelen was nog altijd hetzelfde probleem aanwezig. Opgelet: deze fout kan alleen via de toets op SAFe worden ontgrendeld. Meting aanvoertemperatuurvoeler.Opeenvolgende metingen van de aanvoertemperatuur wijken te sterk van elkaar af.Meting retourvoeler.Opeenvolgende metingen van de retourtemperatuur wijken te sterk van elkaar af.
Te veel ontgrendelingen via de interface.Binnen een bepaalde tijd werden te veel ontgrendelingen via de interface ontvangen. Opgelet: deze fout kan alleen via de toets op SAFe worden ontgrendeld.
Te veel vrijgaves via de interface.
Een reset van de cv-ketel wordt uitgevoerd.
HanVos plant een vakkundige monteur in — neem de storingscode mee, dat scheelt tijd.