A.O. Smith boiler storingscodes
Alle bekende storingscodes voor A.O. Smith boiler met hun betekenis en waarschijnlijke oorzaak. Liever zelf zoeken? Gebruik de interactieve storingscode-zoeker.
231 storingscodes · bron: storingscode-database. Controleer altijd de handleiding van uw specifieke toestel.
Voedingsspanning is onjuist.
Spanning naar besturingspaneel is onjuist.
Sensor is niet (juist) aangesloten.
Beschadigde bedrading en/of defecte sensor.
Kortsluiting in het sensorcircuit.
De hoofdveiligheidsthermostaat (G1) is geactiveerd.
De thermische zekering heeft het regelcircuit onderbroken.
De bedrading is beschadigd.
Sensorstoring: Sensor is niet (juist) aangesloten.
Sensorstoring: Beschadigde bedrading en/of defecte sensor.
Sensorstoring: Sensor is niet (juist) aangesloten.
Sensorstoring: Beschadigde bedrading en/of defecte sensor.
Sensorstoring: Kortsluiting in het sensorcircuit.
Sensorstoring. Kortsluiting in het sensorcircuit.
Het vooraf ingestelde onderhoudsinterval van de boiler is verstreken.
De boiler werkt, maar de anodebescherming voor de tank werkt niet.
Het rode en groene lampje van de anodebesturing branden niet: - De potentiostaat wordt niet van voeding voorzien.
Het rode lampje van de anodebesturing knippert en het groene lampje is uit: - De kabels tussen de potentiostaat en de anode(s) zijn los, of niet goed aangesloten. - De aardeaansluiting van de anode(s) is los. - De boiler is niet gevuld met water. - Er is een kortsluiting tussen de anode(s) en de tank. - Het water heeft een lage geleidbaarheid. Opmerking: Er is een minuut vertraging tussen de detectie van de storing en het knipperen van het rode lampje.
Het rode en groene lampje van de anodebesturing branden: - De kabel tussen de potentiostaat en het display is beschadigd, of niet aangesloten.
Kabel(s) tussen potentiostaat en anodes zitten los of zijn verkeerd aangesloten - Aarding van anodes zitten los - De boiler is niet gevuld met water.
Kabel(s) tussen potentiostaat en anodes zitten los of zijn verkeerd aangesloten - Aarding van anodes zitten los - De boiler is niet gevuld met water
Foutmelding van de besturing: Onjuiste referentiespanning van de AD- omzetter.
Foutmelding van de toestelregeling. Verkeerde referentiespanning van de AD-convertor.
Onjuiste referentiespanning van de AD-omzetter/EEPROM-leesstoring/50 Hz-storing/Interne communicatiestoring/Storing gasblokrelais/Storing veiligheidsrelais/Storing ontstekingssrelais/RAM-storing/EEPROM-storing/EEPROM-inhoud komt niet overeen met de softwareversie/Storing processorsoftware/Storing ionisatiecircuit
Resetfout: teveel resets in een te korte periode
Resetfout: Teveel resets in een te korte periode.
Besturingsstoring: In een korte periode zijn meer dan zeven resets gedetecteerd
Resetfout: Teveel resets in een te korte periode
Verkeerde toestelselectie / selectieweerstand
Besturingsstoring: Deze doet zich voor wanneer de besturing en/of het display is vervangen. Onjuiste selectie van de boiler.
Toestelselectiefout: Verkeerde toestelselectie / selectieweerstand
Besturingsstoring: Inhoud EEPROM niet juist.
De eenheid is niet afgesteld op de juiste gassoort
Vervuilde venturi
Lekkage tussen de venturi en de flexibele venturi-aansluiting
Recirculatie van rookgassen
De eenheid is niet afgesteld op de juiste gassoort
Vervuilde venturi
Lekkage tussen de venturi en de flexibele venturi-aansluiting
Recirculatie van rookgassen
Toestel staat uit
Geen voedingsspanning aanwezig
Zekering(en) defect
Beveiligingstemperatuur bovenin de tank is geactiveerd. De temperatuur van het water bovenin de tank is > 85 °C.
Temperatuurstoring: De temperatuur in de tank is boven 90ºC
De temperatuur van het water boven in de tank is > 88 ºC.
De twee temperatuursensoren in de tank meten gedurende minimaal 60 seconden een verschil van > 10 ºC.
De twee temperatuursensoren in de tank meten gedurende minimaal 60 seconden een verschil > 10 °C.
Temperatuurstoring: Temperatuurverschil tussen sensor 1 en sensor 2 is meer dan 10ºC gedurende minimaal 60 seconden
De twee dummysensoren meten gedurende minimaal 60 seconden een verschil > 10 °C.
De twee temperatuursensoren meten gedurende minimaal 60 seconden een verschil van > 10 ºC.
Besturingsstoring: De besturing had minimaal 20 uur een blokkeerstoring
Besturingsstoring: Live en neutraal zijn omgewisseld tijdens het aansluiten
De gasvoordruk is niet juist.
De CO2-waarde is niet juist.
De brander is vuil.
Er lekt lucht tussen de venturi en de flexibele luchtaansluiting.
De voordruk van gas is niet juist
De CO2-waarde is niet juist
De brander is vuil
Er lekt lucht tussen de venturi en de flexibele venturi aansluiting.
Slecht vlambeeld: verkeerde voordruk en/of branderdruk
Slecht vlambeeld: vervuilde brander
Slecht vlambeeld: vervuilde inspuiter
Slecht vlambeeld: te weinig luchttoevoer
Fout in voedingscircuit: Fase en Nul verkeerd om aangesloten.
Fout in voedingscircuit: Condens op de ionisatiepen.
Fout in voedingscircuit: Zwevende Nul
Fout in voedingscircuit: Fase en Nul verkeerd om aangesloten
Fout in voedingscircuit: Condens op de ionisatiepen
Besturingsstoring: Live en neutraal zijn omgewisseld tijdens het aansluiten
Ventilatorstoring: Beschadigde of loszittende bedrading.
Ventilatorstoring: Vervuilde of geblokkeerde ventilator.
Ventilatorstoring: Door een plotselinge afname van de voedingsspanning draait de ventilator niet op de juiste snelheid.
Ventilatorstoring: Defecte motor en/of rotor.
Defecte motor en/of rotor
Kabelbreuk
Vervuilde of geblokkeerde ventilator
Ventilator draait niet op het juiste toerental
Storing luchtdrukschakelaar: Beschadigde bedrading/gesloten circuit.
Storing luchtdrukschakelaar: Luchtdrukschakelaar defect.
Storing luchtdrukschakelaar: De slangen zijn beschadigd.
Storing luchtdrukschakelaar: De bedrading is beschadigd.
Storing luchtdrukschakelaar: Luchtlekkage tussen de venturi en de flexibele luchtaansluiting.
Storing luchtdrukschakelaar: De terugslagklep tussen de ventilator en de brander zit vast.
Onvoldoende drukverschil in de luchtdrukschakelaar, veroorzaakt door: - het luchttoevoer- en rookgasafvoersysteem - niet goed werkende condensafvoer - vervuilde brander - geblokkeerde warmtewisselaar
Storing luchtdrukschakelaar: Storing luchtdrukschakelaar: Beschadigde bedrading/gesloten circuit.
De drukschakelaar werkt niet correct: Kabelbreuk / Open circuit
De drukschakelaar werkt niet correct: Drukschakelaar sluit niet
Drie ontsteekpogingen zonder succes: Geen gas
Drie ontsteekpogingen zonder succes: Lucht in de gasleiding
Drie ontsteekpogingen zonder succes: Geen branderdruk
Drie ontsteekpogingen zonder succes: Fout in het gloeiontstekercircuit
Drie ontsteekpogingen zonder succes: Fout in het ionisatiecircuit
Drie ontsteekpogingen zonder succes: Te lage voedingsspanning
Drie mislukte ontstekingspogingen: Geen gas
Drie mislukte ontstekingspogingen: Lucht in de gasleiding
Drie mislukte ontstekingspogingen: Fout in het gloeiontstekercircuit
Drie mislukte ontstekingspogingen: Fout in het ionisatiecircuit
Drie mislukte ontstekingspogingen: Te lage voedingsspanning
Ontstekingsstoring: Geen gas.
Ontstekingsstoring: Lucht in de gasleidingen.
Ontstekingsstoring: Defect circuit gloeiplug.
Ontstekingsstoring: Defect in ionisatiecircuit.
Ontstekingsstoring: Voedingsspanning te laag.
Ontstekingsstoring: De verbogen ionisatiepen maakt contact met een metalen oppervlak.
Ontstekingsstoring: Het keramische gedeelte van de ionisatiepen is kapot of gebarsten.
Vlamstoring: Recirculerende rookgassen veroorzaakt door een onjuiste dak- of muurdoorvoer.
Vlamstoring: Gastoevoer onvoldoende.
Vlamstoring: Voedingsspanning te laag.
Er zijn te veel vlamfouten gesignaleerd. Verkeerde dakdoorvoer, recirculatie van rookgassen.
Er zijn te veel vlamfouten gesignaleerd: Verkeerde dak- of muurdoorvoer / Recirculatie van rookgassen
Contact met metalen oppervlakte door kabelbreuk of vervormde ionisatiepen.
Keramisch deel van de ionisatiepen is gebroken/gescheurd.
Kortsluiting tussen ionisatiepen en aarde. Contact met metalen oppervlakte door kabelbreuk.
Kortsluiting tussen ionisatiepen en aarde. Keramisch deel van de ionisatiepen is gebroken/gescheurd.
Er is een vlam geconstateerd na het sluiten van de gasklep. Defecte gaskleppen.
Ionisatiestoring: Defect gasblok
Er is een vlam geconstateerd na het sluiten van het gasblok: Defecte gasblokken
Foutmelding veiligheidsrelais. Vlamdetectie voordat gasklep geopend wordt.
Ionisatiestoring: Defect veiligheidsrelais
Foutmelding veiligheidsrelais: Vlamdetectie voordat gasblok geopend wordt
Watertemperatuurbeveiliging: De temperatuur boven in de tank is hoger dan 93°C
Watertemperatuurbeveiliging: De temperatuur boven in de tank is hoger dan 93°C.
Watertemperatuurbeveiliging. Temperatuur bovenin de tank is hoger dan 93 °C.
Temperatuurstoring: De temperatuur in de tank is boven 97ºC.
Begrenzing van het aantal ontsteekpogingen op basis van het schakelen van het rookgaskleprelais. Rookgaskleprelais schakelt tijdens warmtevraag.
Vlamdetectie met gesloten gasklep. Defecte gaskleppen.
Vlamdetectie met gesloten gasblok: Defecte gasblokken
Ionisatiestoring: Defect gasblok.
De rookgasafvoerbeveiliging is geactiveerd. Rookgasafvoer verstopt.
Rookgasklep wordt niet aangestuurd door de motor. De motor opent de rookgasklep niet.
De micro-switch detecteert de stand van de rookgasklep niet.
Te lage voedingspanning aanwezig
Er is niet voldoende of te veel voedingsspanning gedurende 60 seconden. De gemeten spanning tussen fasedraad en nuldraad moet 230 VAC (-15%, +10%) zijn. De voedingsspanning tussen fasedraad en nuldraad moet tussen 110 VAC en 230 VAC (-15%, +10%) zijn.
Storing luchtdrukschakelaar: Beschadigde bedrading/open circuit.
Er is een gaslek
Gaslekkage
De boiler is uitgeschakeld.
Er is geen voedingsspanning.
Defecte zekering(en)
De boiler is uitgeschakeld
Er is geen voedingsspanning
EEPROM leesfout / 50 Hz error / Interne communicatiefout
Gaskleprelais error / Veiligheidsrelais error / Ontstekingsrelais error / RAM error / EEPROM error / Inhoud EEPROM conspondeert niet met software versie / Processor software error
EEPROM leesfout / 50 Hz error / Interne communicatiefout
Gaskleprelais error / Veiligheidsrelais error / Ontstekingsrelais error / RAM error / EEPROM error / Inhoud EEPROM conspondeert niet met software versie
De werkelijke branduren zijn hoger dan de ingestelde branduren.
De boiler is uitgeschakeld.
Er is geen voedingsspanning.
Er is geen warm water meer.
De besturing staat in de OFF-modus.
De temperatuur (Tset) is te laag ingesteld.
De boiler is uitgeschakeld
Er is geen voedingsspanning
Er is geen warm water meer
De besturing staat in de OFF-modus
De regeling staat in de OFF-stand.
Temperatuur (Tset) is te laag ingesteld.
Toestel staat uit
Geen voedingsspanning aanwezig
Warmwatervoorraad is op
De regeling staat in de OFF-stand
Temperatuur (Tset) is te laag ingesteld
Sensor is niet (goed) aangesloten.
Defecte rookgassensor
Kabelbreuk
Sensor T2 is niet (goed) aangesloten
Kabelbreuk en/of defecte sensor T2
Sensor T1 is niet (goed) aangesloten
Kabelbreuk en/of defecte sensor T1
Sensor is niet (goed) aangesloten
Defecte sensor
Kabelbreuk
Sensor is niet (goed) aangesloten
Defecte sensor
Kabelbreuk
Kabelbreuk en/of defecte sensor
Rookgassensor is niet (goed) aangesloten.
Defecte rookgassensor
Kabelbreuk
Dummy is niet (goed) aangesloten
Defecte dummy
Dummy is niet (goed) aangesloten
Defecte dummy
Rookgassensor is niet (goed) aangesloten.
Defecte rookgassensor
Kabelbreuk
Kortsluiting in sensorcircuit
Kortsluiting in sensorcircuit
Kortsluiting in sensorcircuit
Kortsluiting in sensorcircuit
Kortsluiting in rookgassensorcircuit
Kortsluiting in rookgassensorcircuit
Kortsluiting in sensorcircuit
Er lekt water uit een wateraansluiting met schroefdraad.
Condenslekkage
Een andere boiler, of pijpsegment in de buurt lekt.
De tank van de boiler lekt.
De tank van de boiler lekt
Lekkage op een wateraansluiting (schroefdraad)
Lekkage uit ander watertoestel of leiding in de buurt
Lekkage van de tank van het toestel
Condens
(Blokkeerstoring) Sensorstoring - Kortsluiting van de temperatuursensor: Kortsluiting in het sensorcircuit.
(Blokkeerstoring) Sensorstoring - Kortsluiting van temperatuursensor: Kortsluiting in het sensorcircuit.
(Blokkeerstoring) Sensorstoring - Open circuit van temperatuursensor: Sensor is niet (juist) aangesloten.
(Blokkeerstoring) Sensorstoring - Open circuit van temperatuursensor: Beschadigde bedrading en/of defecte sensor.
(Blokkeerstoring) Sensorstoring - Open circuit van temperatuursensor: Sensor is niet (juist) aangesloten.
(Blokkeerstoring) Sensorstoring - Open circuit van temperatuursensor: Beschadigde bedrading en/of defecte sensor.
Temperatuurwaarschuwing: De temperatuur in de tank is hoger dan 90 ºC.
(Vergrendelstoring) Kortsluiting van de vlamsensor: Elektrische aansluiting tussen de vlamsensor en de tank of brander.
(Vergrendelstoring) Temperatuurstoring - De temperatuurlimiet is overschreden: De temperatuur in de tank is boven 95 ºC.
(Blokkeerstoring) Storing luchtdrukschakelaar - De schakelaar is niet gesloten wanneer de ventilator draait tijdens voorspoelen: De slangen zijn beschadigd.
(Blokkeerstoring) Storing luchtdrukschakelaar - De schakelaar is niet gesloten wanneer de ventilator draait tijdens voorspoelen: De bedrading is beschadigd.
(Blokkeerstoring) Storing luchtdrukschakelaar - De schakelaar is niet gesloten wanneer de ventilator draait tijdens voorspoelen: Luchtlekkage tussen de venturi en de luchtaansluiting.
(Blokkeerstoring) Storing luchtdrukschakelaar - De schakelaar is niet gesloten wanneer de ventilator draait tijdens voorspoelen - Onvoldoende drukverschil in de luchtdrukschakelaar, veroorzaakt door: - het luchttoevoer- en rookgasafvoersysteem - storing condensafvoer - vervuilde brander - geblokkeerde warmtewisselaar
(Blokkeerstoring) Ventilatorstoring - De schakelaar is gesloten wanneer de ventilator niet draait: Beschadigde bedrading/gesloten circuit.
(Blokkeerstoring) Ventilatorstoring - De schakelaar is gesloten wanneer de ventilator niet draait: Luchtdrukschakelaar defect.
(Blokkeerstoring) Storing luchtdrukschakelaar - De schakelaar is niet gesloten wanneer de ventilator draait tijdens voorspoelen - Onvoldoende drukverschil in de luchtdrukschakelaar, veroorzaakt door: - het luchttoevoer- en rookgasafvoersysteem - storing condensafvoer - vervuilde brander - geblokkeerde warmtewisselaar.
(Vergrendelstoring) Besturingsstoring - Hardwarestoring: Te veel resets.
(Vergrendelstoring) Ontstekingsstoring - Drie mislukte ontstekingspogingen: Geen gas
(Vergrendelstoring) Ontstekingsstoring - Drie mislukte ontstekingspogingen: Lucht in de gasleidingen.
(Vergrendelstoring) Ontstekingsstoring - Drie mislukte ontstekingspogingen: Defect in het circuit van de vonkontsteker.
(Vergrendelstoring) Ontstekingsstoring - Drie mislukte ontstekingspogingen: Defect in ionisatiecircuit.
(Vergrendelstoring) Ontstekingsstoring - Drie mislukte ontstekingspogingen: Voedingsspanning te laag.
(Vergrendelstoring) Ontstekingsstoring - Drie mislukte ontstekingspogingen: De verbogen ionisatiepen maakt contact met een metalen oppervlak.
(Vergrendelstoring) Ontstekingsstoring - Drie mislukte ontstekingspogingen: Het keramische gedeelte van de ionisatiepen is kapot of gebarsten.
(vergrendelstoring) Ontstekingsstoring Drie mislukte ontstekingspogingen: Geen gas
(Vergrendelstoring) Besturingsstoring - Hardwarestoring: Ontkoppel de selectieknop.
Interne storingsmelding van de besturing.
HanVos plant een vakkundige monteur in — neem de storingscode mee, dat scheelt tijd.